|
Vanaf het einde van de jaren '70 begon in Zuid-Afrika een periode van tegengestelde bewegingen, waaraan de internationale boycot zeker niet vreemd was. Enerzijds lieten het economisch, politiek en cultureel isolement hun sporen na en werd men geconfronteerd met de mislukking van de thuislandenpolitiek - en daarom probeerde men schoorvoetend toegevingen te doen aan de tegenstanders van Apartheid. Anderzijds was er ook een verkramping in de politiek die leidde tot een nog scherpere repressie en een toenemend geweld bij alle partijen.
In 1978 diende premier Vorster zijn ontslag in na een informatieschandaal en werd hij vervangen door Pieter Willem Botha. Onder Botha werd de repressie in eerste instantie verscherpt, in die mate dat zelfs ANC-ers die in het buitenland hun toevlucht hadden gezocht vervolgd, en soms vermoord werden - waarop het ANC uiteraard nog militanter werd.
In 1983 kwam er een nieuwe grondwet die nog altijd geen politieke rechten voor de zwarte bevolking voorzag, die de politiek van de "gescheiden ontwikkeling" en de thuislanden handhaafde en die een grotere macht gaf aan de president. Anderzijds werden wel aparte raden voorzien voor kleurlingen en Indiërs. Die mochten voor het eerst in 1984 gaan stemmen voor hun eigen raden, maar die verkiezingen werden massaal geboycot.
Tegen de nieuwe grondwet kwam zeer veel verzet van de zwarte bevolking, wat leidde tot willekeurige aanhoudingen, gevangennemingen en uitbarstingen van geweld, ook binnen de zwarte gemeenschap zelf. Dit was ook de tijd waarin heel wat anti-apartheidsstrijders in de gevangenis stierven - of verdwenen. Desondanks trad de nieuwe grondwet in 1984 in werking en werd P.W. Botha twee jaar later president. Nog in 1984 werd de nobelprijs voor de vrede toegekend aan Bisschop Tutu - dat was dus de tweede maal dat een anti-apartheidsstrijder deze prestigieuze prijs kreeg voor zijn verzet tegen een discriminerend regime.
Vanaf 1985 kwamen er schoorvoetende toegevingen: Botha beloofde dat zwarten die in stedelijke gebieden verbleven de grond zouden kunnen kopen waarop ze woonden; tegelijkertijd werden de massale gedwongen verhuizingen stopgezet. Deze maatregelen werden gevolgd door andere: nog in hetzelfde jaar 1985 werden de wetten opgeheven die de oprichting van multiraciale partijen en de gemengde huwelijken verboden. Even schoorvoetend werd toegegeven dat de Apartheidspolitiek eigenlijk een mislukking was.
Dit creëerde heel wat verwachtingen. Op 15 augustus 1985 zou P.W. Botha een toespraak houden waarvan verwacht werd dat hij het einde van de Apartheid zou aankondigen - of toch in het vooruitzicht zou stellen. Het tegendeel was echter waar: er was geen sprake van enige machtsdeling, wel van een erg verkrampte houding. Dit gaf meteen aanleiding tot een nog verscherpte internationale boycot en een steeds sterkere druk van de internationale gemeenschap die expliciet de vrijlating eiste van Nelson Mandela en andere politieke gevangenen, de opheffing van het verbod op het ANC en andere politieke partijen en het einde van het geweld.
In mei 1986 diende de regering een wetsontwerp in voor de oprichting van een multiraciale Nationale Raad waarin voor het eerst de zwarten een stem zouden hebben in het beleid, zij het slechts een adviserende stem. In juli 1986 werden ook de paswetten opgeheven. Een grote stap voorwaarts in datzelfde jaar was, dat de belangrijke Nederduits Gereformeerde Kerk, die altijd de steunpilaar van de Apartheid geweest was, nu de Apartheid los liet en als fout erkende.
Op 5 november 1987 werd de eerste van de historische prominente anti-apartheidsstrijders die in 1964 veroordeeld waren, vrijgelaten. Dat was Govan Mbeki, de vader van de huidige president.
De opening die op die manier gecreëerd werd, kreeg echter nog tegenwind: begin 1988 werden bijvoorbeeld nog vergaande beperkingen opgelegd aan 17 anti-apartheidsorganisaties. En er kwam ook tegenwind van de "verkrampten": De Afrikaner Weerstandsbeweging (AWB), een fascisitisch geöriënteerde beweging van blanke boeren, vroeg de oprichting van een exclusief blanke staat die zou bestaan uit Transvaal, Oranje-Vrijstaat en het Noorden van Natal. |